Wet- en regelgeving

 

Saneringsheffing

Met ingang van 1 juli 2015 is de saneringstaak aan het WSW overgeheveld. In specifieke situaties kan een woningcorporatie een beroep doen op de steun vanuit het WSW. De steun van het WSW wordt bekostigd uit middelen, opgebracht door een heffing bij alle woningcorporaties. Voor 2016 heeft de minister besloten om geen saneringsheffing op te leggen. De heffing voor de jaren daarna is nog niet bekend en hangt mede af van lopende of nieuwe saneringsgevallen. WSW maakte daarom een zo goed mogelijke inschatting van het bedrag waar corporaties in de kasstromen rekening mee moeten houden. Voor de jaren 2017 tot en met 2021 nemen corporaties een heffing in het kasstroomoverzicht op die is gebaseerd op 1% van de totale jaarhuur van de woongelegenheden in het betreffende jaar.

 

Verhuurdersheffing

De verhuurdersheffing is in 2013 ingevoerd en in 2016 geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie is besloten om de verhuurderheffing ook voor toekomstige jaren te handhaven. Het tarief voor 2018 is vastgesteld en laat ten opzichte van het tarief voor 2017 een stijging zien. Daarnaast zijn er enkele heffingsverminderingen geïntroduceerd. In 2016 bedroeg de verhuurderheffing voor Talis circa € 8,4 miljoen.

 

Nieuwe woningwet

Per 1 juli 2015 is de Nieuwe woningwet van kracht geworden. Veel onderdelen van de nieuwe Woningwet zijn in 2015 en 2016 al gerealiseerd bij Talis. Enkele onderdelen lopen nog door in 2017 en latere jaren, zoals de definitieve scheiding van DAEB en niet-DAEB activiteiten en een nieuwe aanpassing van de statuten vanwege aanpassingen vanuit de Veegwet.

 

Autoriteit woningcorporaties

Per 1 juli 2015 houdt de Autoriteit woningcorporaties (Aw) integraal toezicht op alle woningcorporaties als opvolger van het Centraal Fonds Volkshuisvesting. De autoriteit valt onder ministeriële verantwoordelijkheid en is ondergebracht bij de Inspectie voor Leefomgeving en Transport. De autoriteit functioneert onafhankelijk ten opzichte van de sector en de politiek en bevordert de gewenste professionalisering van het toezicht. De Aw ziet, naast het financiële toezicht, ook toe op de governance, integriteit en rechtmatigheid bij corporaties.

 

Vennootschapsbelasting

De aangiftes vennootschapsbelasting zijn tot en met 2014 ingediend. De aangifte voor het jaar 2015 wordt voor 1 mei 2017 ingediend.

Talis voert thans gesprekken met de Belastingdienst over diverse fiscale onderwerpen teneinde zekerheid te krijgen over haar fiscale positie. Deze gesprekken gaan met name over het fiscaal te hanteren onderscheid tussen onderhoud en verbetering, en de uitgangspunten voor de berekening van de onderhoudsvoorziening.

 

In november 2016 is een vaststellingsovereenkomst (VSO) afgesloten met de Belastingdienst ter afwikkeling van een aantal fiscale punten. Dit betrof de voorziening groot onderhoud en verrekenbare verliezen van Talis BV. Deze VSO is overeengekomen om tot een praktische afwikkeling te komen van de vennootschapsbelasting 2012. Na ondertekening van de VSO heeft de Belastingdienst de definitieve aanslag voor de vennootschapsbelasting 2012 opgelegd.

 

Naast deze punten speelt ook de discussie rondom de afwaardering naar lagere bedrijfswaarde.

De Belastingdienst neemt het standpunt in dat afwaardering naar lagere bedrijfswaarde verplicht is bij een relatieve waardedaling per verhuureenheid van 30% of meer. Er kan echter ook worden gekozen voor een vrijwillige afwaardering van het vastgoed. In 2017 zal door Talis een definitief fiscaal standpunt worden ingenomen en zal het gesprek met de Belastingdienst worden voortgezet. Hierboven genoemde ontwikkelingen hebben een substantieel financieel effect op de fiscale positie en de te betalen vennootschapsbelasting.

© Talis 2017  |  Disclaimer  |  Colofon  |  Contact  | Jaarverslag 2015